Nieuws Eindhoven groeide de afgelopen jaren uit tot één van de drie pijlers van de Nederlandse economie. Iets waar andere steden soms met verbazing, maar vooral met bewondering naar kijken. Eindhoven kwam de klap te boven van het verdwijnen van steeds meer Philips activiteiten en zette in op innovatie, regionale samenwerking en transformatie. Wat kunnen andere gemeenten leren van de aanpak van Eindhoven? Een delegatie uit Delft ging in gesprek met wethouder Staf Depla (Economie, Werk en inkomen en Beroepsonderwijs), een strategisch adviseur en een programmamanager Spoorzone van de gemeente Eindhoven. Wat zijn de succesfactoren van deze Brabantse stad? En wat zijn de verschillen en de overeenkomsten tussen de steden die beide een Technische Universiteit (TU) huisvesten? En nog belangrijker: wat kunnen ze van elkaar leren? “Ik ben nieuwsgierig naar de samenwerking tussen de verschillende stakeholders”, klonk het van de kant van Delft. Een gesprek over uitdagingen en kansen.
Bijeenkomst wethouders en adviseurs gemeente Delft en Eindhoven
Philips
was Eindhoven en Eindhoven was Philips. Operatie Centurion en tal van
reorganisaties die daarop volgden maakten in de jaren negentig van
Eindhoven een stad die steeds minder om Philips draaide. Wethouder
Staf Depla vertelt dat als gevolg van deze ingrijpende
reorganisatieronde het aantal banen bij deze multinational in
Eindhoven in die periode terugliep van 110.000 naar 70,000. “Iedereen
gaat vervolgens rouwen om het verleden dat niet meer terugkomt.”
De
wethouder uit Eindhoven vertelt dat de voorzitter van de TUe, de
lokale Kamer van Koophandel en de gemeente vervolgens de koppen bij
elkaar staken. Het was duidelijk dat er iets moest gebeuren om
Eindhoven een nieuwe impuls te geven. De werkgelegenheid in de regio
was in het geding. Belangrijk punt ook het behoud van kennis. Al die
mensen, met hun deskundigheid en expertise, waren er nog. Depla noemt
het een ecosysteem: die mensen die dankzij hun kennis en ervaring en
onderlinge contacten en uitwisseling van ideeën nog altijd voor een
vruchtbare voedingsbodem zorgden (en zorgen) in de regio. Ze vormen
een sterke troef en het was belangrijk om hen te behouden voor
Eindhoven en de omliggende gemeenten.
Discussiebijeenkomst
met…:
Vanuit
Delft:
Wethouder
Raimond de Prez (wethouder wonen, stedelijke
vernieuwing en zorg),
Isidoor Hermans (Directeur Ontwikkelingsbedrijf Spoorzone Delft), Ad
Alderliesten (Manager Gebiedsontwikkeling Spoorzone Delft), Harry van
Dongen (adviseur en programmeur Vastgoed gemeente Delft)
Vanuit
Eindhoven:
Wethouder
Staf Depla (Economie, Werk en inkomen en
Beroepsonderwijs), Camille Wildeboer Schut (strategisch adviseur bij
de gemeente Eindhoven), Jos Roijmans, programmamanager Spoorzone.
Gespreksleider: Wouter Jan Verheul, onderzoeker en docent TU Delft, afdeling Urban Development Management
Brainport
De
toenmalige bestuurders kozen voor een Triple Helix samenwerking
tussen overheid, kennisinstellingen en bedrijfsleven om het tij te
keren in de regio Eindhoven. In 2005 wordt Stichting Brainport, een
kennisplatform waarin al deze partijen zitting hebben, opgericht. Het
is uitgegroeid tot een samenwerkingsverband tussen de 21
regiogemeenten, bedrijven (denk aan: Philips, ASML, VDL, NXP) en
kennisinstellingen die actief zijn in deze regio. Het draait binnen
Brainport om vier programma’s: Basics, wat heeft te maken met
ontsluiting van het gebied, Business, dus bedrijvigheid, en
Technologie. Iets waar volgens Staf Depla het aanwezige R&D
klimaat mee wordt bedoeld. “Wil je concurrerend blijven dan moet je
je innovatie versnellen. Dat lukt alleen maar als je dat met meerdere
partijen doet. Dus met elkaar.” Als vierde programmapunt noemt hij
People en Talent. Volgens de wethouder moet er genoeg gekwalificeerde
menskracht voorhanden zijn, en moet het vestigingsklimaat zo
aantrekkelijk zijn dat “Ze daarom deze kant op willen komen".
Dat is een succesfactor voor groei. Die samenwerkingscultuur die we
hier hebben, dat is niet iets wat zomaar verdwijnt. Het is nu zelfs
opener dan toen. Het is reden voor instellingen uit de hele wereld om
hier aan te haken.”
Wethouder
Raimond de Prez van de gemeente Delft, vertelt dat zijn gemeente ook
meer kenniswerkers naar zich toe wil trekken. “De TU Delft is groot
en ook internationaal aantrekkelijk. De bedrijven in Delft zijn wat
kleiner in omvang dan hier in Eindhoven het geval is.”
Discussiebijeenkomst
De
delegatie uit Delft is vooral naar Eindhoven gekomen om te leren van
de ervaringen van Eindhoven met en naar aanleiding van de opzet van
een Brainport, tijdens de discussieochtend. De kernvraag voor
wethouder Raimond de Prez, Harry van Dongen van de gemeente Delft en
Isidoor Hermans en Ad Alderliesten (beide van Ontwikkelingsbedrijf
Spoorzone Delft) is wat de belangrijkste lessen zijn die daarmee
samenhangen als het gaat om de gebiedsontwikkeling in de
universiteitsstad Eindhoven. Ze willen ook weten wat Eindhoven heeft
gedaan om naar aanleiding van het vertrek van Philips-activiteiten de
economie te versterken en hoe deze ambitie staat tot wonen en
bereikbaarheid. “Als ik naar Eindhoven kijk, dan zie ik een enorm
succes”, zegt Ad Alderliesten. ”De samenwerking tussen onder
andere de gemeente en de TUe draagt denk ik sterk bij aan het
succes.”
Begin dit
jaar kwam de commissie-Deetman met een advies richting Delft om
vooral in te zetten op versnelling en verdieping van de
kennisstrategie. Delft moet volgens de oud-burgemeester van Den Haag
kunnen uitgroeien tot een technologiestad van formaat. De stad moet
kortom aantrekkelijker worden voor kennisintensieve bedrijven en
instellingen én hun medewerkers. Wethouder Raimond de Prez geeft aan
dat er natuurlijk ook nu al steun wordt geboden aan studenten die een
business willen beginnen. YES Delft is een voorbeeld van succes in
die richting; startende bedrijfjes vinden hier onderdak in een
stimulerende en innovatieve omgeving. “Toch zijn er nog te weinig
die uiteindelijk in Delft blijven hangen.”
‘discussieeindhoven’
Aantrekkelijke
stad
Los van de
aandacht voor innovatie en samenwerking tussen het bedrijfsleven, de
TUe, hoge- en mbo-scholen en de gemeente, heeft Eindhoven de laatste
jaren ook sterk ingezet op gebiedsontwikkeling. Oude (lege)
kantoorpanden werden getransformeerd. Een aansprekend en alom bekend
voorbeeld vormt Strijp S, een voormalig bedrijventerrein in Eindhoven
dat voor operatie Centurion toebehoorde aan Philips. Nu is het ook
een woongebied waar ook ruimte is voor innovatieve bedrijven, winkels
en leisure.”We kijken waar behoefte aan is, pas daarna gaan we
kijken naar geld”, zegt wethouder Staf Depla over de keuzes die de
gemeente heeft gemaakt en maakt als het gaat om wonen in de stad
Eindhoven. “Er komen mensen uit de hele wereld deze kant op.”
Alhoewel Delft nu niet beschikt over vergelijkbare leegstaande oude
fabrieks- en kantoorpanden zoals in Strijp S, kan dit concept voor de
toekomst aantrekkelijk zijn.
Bij
een aantrekkelijk leefklimaat, draait het niet alleen over wonen.
“Als je aantrekkelijk wilt blijven voor talent uit de hele wereld,
dan moet ook het voorzieningenniveau op peil blijven. Dit moet passen
bij de stedelingen en de kenniswerkers.”
Eindhoven
zet zich in om cultuuruitingen te stimuleren. Ook al komt er weinig
rijksgeld naar de Brabantse regio voor investeringen in cultuur.
Vandaar dat de Brabantse gemeente veelal kiest voor festivalachtige
evenementen. Die zijn volgens de wethouder snel renderend.
Ook
onderwijs is een item dat moet meebewegen vanwege de
internationalisering. Er komen steeds meer kenniswerkers richting de
lichtstad en expats blijven vaak ook langer. Dit heeft implicaties
voor het onderwijsaanbod. De internationale school is nu al te klein
en er wordt nagedacht over een breder aanbod internationaal
onderwijs. Ook op MBO niveau.
De regio Eindhoven
is kortom druk bezig zich verder te ontwikkelen. Er is van alles in
beweging. De Triple Helix aanpak van Stichting Brainport heeft plaats
gemaakt voor een Multi Helix aanpak. Brainport is niet langer alleen
een driehoek tussen overheid-bedrijfsleven-onderwijs, schrijft de
stichting op de eigen website. Ook burgers, klanten, consumenten,
investeerders, designers en corporaties haken aan. Wethouder Staf
Depla vertelt dat Brainport ook is ontsloten voor internationale
bedrijven. “Dat is iets wat we nu aan het doen zijn.” De regio
Eindhoven moet steeds aantrekkelijker worden voor buitenlandse
bedrijven en investeerders. Depla vertelt wat de volgende stap is:
“Er zijn een paar grote maatschappelijke vraagstukken in de wereld:
duurzame mobiliteit, duurzame energievoorziening, gezond ouder worden
en veiligheid – voedselveiligheid.” Het is de ambitie van
Eindhoven om zich op die terreinen te profileren. Daar kunnen ook de
bewoners van Eindhoven van profiteren, volgens de wethouder. Of het
succes van Eindhoven één op één over te nemen is door andere
regio’s of gemeenten is maar de vraag: “Philips is een grote
international die bepalend is geweest voor dit gebied. Dat maakt het
misschien ook wel wat lastiger voor andere gemeenten om zo iets te
kopiëren. Omdat niet iedere gemeente zo’n sterke speler heeft
gekend, die ook heeft geïnvesteerd in het gebied.”
Lessen
Ter
afsluiting van de bijeenkomst vertellen de deelnemers wat zij zien
als de belangrijkste lessen, dus wat zij hebben opgestoken van de
gedachtewisseling.
Isidoor
Hermans (Directeur Ontwikkelingsbedrijf Spoorzone Delft): “Het is
belangrijk om met elkaar een focus te zoeken en die focus vast te
houden. Het inzetten op kenniswerkers heeft op alle beleidsterreinen
binnen een gemeente consequenties; van werk, huisvesting tot
onderwijs en cultuur. Dit betekent continue en gerichte aandacht op
deze terreinen om de ambities in deze waar te maken.”
Harry
van Dongen (adviseur en programmeur Vastgoed gemeente Delft): “Geduld
is een mooi iets. Het is belangrijk om rekening te houden met de
lange termijn ontwikkelingen.”
Raimond
de Prez (wethouder Delft): “Het is belangrijk om een gebied open te
stellen voor iedereen. Ik heb vandaag prachtige voorbeelden voorbij
zien komen. Het is goed om te laten zien dat er reuring is in een
gemeente, zodat je mensen trekt. In Delft hebben we oude
fabriekshallen waar van alles gebeurt. Die worden denk ik nog
onvoldoende uitgenut.”
Staf Depla (wethouder Eindhoven): “We werken als regio samen met de regio Amsterdam en de Zuidvleugel. We zitten daar heel vaak met Den Haag en met name Rotterdam aan tafel. Ik vind het interessant om te zien wat er in Delft speelt en te zien wat voor dynamiek er achter zit.”
Camille Wildeboer Schut (strategisch adviseur bij de gemeente Eindhoven): “Het succes van Eindhoven is ook die van de regio. Het vraagt een scherpe, eenduidige visie en voortdurende en gemeenschappelijke inspanningen van bedrijfsleven, kennisinstellingen en overheden op de schaal van de regio, het daily urban system, waarin mensen werken, wonen en verblijven. Dat gaat niet zomaar. Dat moet je blijven vertellen. Voor met name draagvlak bij overheden is nodig dat voortdurend het verhaal wordt verteld hoezeer de 3-helix op regionale schaal onderling is verbonden, op elk niveau. In ‘Brainport in bedrijf’-bijeenkomsten vertellen ondernemers in de regio, bijvoorbeeld toeleveranciers van grote bedrijven zoals Philips en ASML, aan hun gemeenteraden wat zij doen, wat zij bereikt hebben met de samenwerking en wat zij nodig hebben.”
Jos
Roijmans (Programmamanager Spoorzone Eindhoven): “In
gebiedstransformaties focus houden op gewenste stip op de horizon,
waarbij functies belangrijker zijn dan daartoe benodigde stenen;
daarbij oog houden voor benodigde planningsflexibiliteit en
risico-afdekking.”
“Vanaf moment aankoop vm. Philips-eigendom Strijp-S directe openstelling, evenementenorganisatie en tijdelijke verhuur; enerzijds voor ontdekking en affichering, anderzijds voor kostendekking (rente) door (beperkte) huuropbrengst van nog niet te transformeren onderdelen.”
Ad
Alderliesten (Ontwikkelbedrijf Spoorzone Delft): “Wat ik uit dit
gesprek heb gehaald is dat het ontzettend belangrijk is dat als je
kiest voor samenwerking, dat het belangrijk is welk platform je kiest
voor samenwerking. Dat de schaal waarop je dat doet van ontzettend
groot belang is bij het bereiken van je resultaten. Het is ook
belangrijk om strategische keuzes te maken.”
Wouter Jan Verheul (gespreksleider tijdens de bijeenkomst, onderzoeker en docent TU Delft, afdeling Urban Development Management): “De rol van cultuur om een gebied aantrekkelijk te maken. Zoals de tijdelijk BMX-hal die in Strijp is gevestigd; eerst bedoeld als tijdelijke invulling om mensen te trekken, maar het werd zo’n succes dat het permanente toevoeging is geworden. Dit soort tijdelijke of culturele initiatieven opnemen, voorkomt dat een gebiedstransformatie weer het zoveelste saaie woon- of kantorengebied wordt.”
Wouter Jan Verheul stelt ter afsluiting: "Ik vind het belang van deze bijeenkomst ook dat we ideeën bij elkaar brengen en van elkaar leren. Dit doe ik vanuit de Stichting Kennis Gebiedsontwikkeling (SKG) waarbij we dit soort uitwisselingen graag vormgeven.”
Meer
weten over de transformatie van Eindhoven? Lees het boek:
Een
stad die de toekomst maakt
het Eindhoven van Rob van Gijzel
Geschreven door Hans Horsten
Cover: ‘eindhoven strijp’